Uit de resultaten bleek geen significant verband tussen blootstelling aan huiskatten en het risico op het ontwikkelen van astma bij kinderen.
Astma blijft een van de meest voorkomende niet-overdraagbare aandoeningen bij kinderen, en omgevingsfactoren worden erkend als belangrijke elementen in de behandeling ervan. Van deze factoren krijgt de aanwezigheid van huisdieren bijzondere aandacht, omdat huisdieren met een vacht in veel huishoudens voorkomen. Hoewel vaak wordt aangenomen dat harige dieren vergelijkbare effecten op astma hebben, produceert elke diersoort specifieke allergenen en heeft deze een verschillende interactie met de mens. Deze verschillen zouden de uiteenlopende effecten op de morbiditeit van astma kunnen verklaren.
Een team van epidemiologen heeft een onderzoek uitgevoerd onder meer dan 30.000 Zweedse kinderen in de leeftijd van 4 tot 17 jaar bij wie eerder astma en een allergie waren vastgesteld. De onderzoekers stelden vast dat de ernst van de astma en de longfunctie, gemeten tussen 2023 en 2024, niet verschilden tussen kinderen die in een huishouden met ten minste één kat woonden en kinderen die zonder kat woonden.
Er werd geen verband aangetoond tussen het geslacht of de leeftijd van het kind, het aantal katten in huis en het verloop van de astma. De auteurs concluderen dat blootstelling aan katten het verloop van astma bij kinderen niet lijkt te verergeren, althans niet op korte termijn.
Astma is de meest voorkomende chronische aandoening bij kinderen en een van de belangrijkste oorzaken van ziekenhuisopnames bij kinderen. Volgens het Global Asthma Network wordt de wereldwijde prevalentie geschat op 9,1 % bij kinderen en 11 % bij adolescenten, met grote verschillen tussen landen, regio's en omgevingen. De hoogste prevalentiecijfers, van meer dan 20 %, worden waargenomen op de Britse eilanden en in bepaalde regio’s van Oceanië en het Midden-Oosten.
Tot de erkende risicofactoren behoren blootstelling aan luchtvervuiling en tabaksrook, virale infecties tijdens de kindertijd, obesitas en bepaalde reeds bestaande allergische aandoeningen, zoals eczeem of allergische rhinitis.
Veel patiënten melden op basis van eigen ervaring dat blootstelling aan huidschilfers van dieren astma-aanvallen lijkt uit te lokken. De beschikbare klinische en epidemiologische gegevens blijven echter tegenstrijdig en zijn voornamelijk gebaseerd op kleinschalige studies onder specifieke populaties, die niet erg representatief zijn voor de algemene bevolking.
In deze nieuwe studie tonen de onderzoekers aan dat het samenleven met een kat de situatie van kinderen met astma en allergieën mogelijks niet verergert.
“In dit nationale cohort van Zweedse kinderen met astma en allergieën hebben we aangetoond dat kinderen die met een kat leven, wat betreft de ernst van het astma, het risico op een opflakkering, de astmacontrole en de longfunctie vergelijkbare resultaten vertonen als kinderen die niet met een kat leven”, benadrukken de auteurs.
Ze voegen hieraan toe: “We hebben evenmin verschillen in astmaparameters waargenomen op basis van het aantal katten in huis, noch op basis van het geslacht of de leeftijd van het dier.”